Bereid je voor op de verplichte AOV voor zzp'ers
Geplaatst op 22 oktober 2026
Je werkt voor jezelf, de opdrachten lopen goed en dan val je een paar maanden uit door ziekte of een ongeluk. Zonder verzekering kan je inkomen wegvallen, terwijl je vaste lasten gewoon doorlopen. Toch heeft lang niet iedere zelfstandige een arbeidsongeschiktheidsverzekering (AOV). Daar wil het kabinet verandering in brengen met een verplichte basisverzekering.
Het gaat om de Wet basisverzekering arbeidsongeschiktheid zelfstandigen, kortweg de Wet BAZ. Het wetsvoorstel is in maart 2026 ingediend bij de Tweede Kamer en is nog in behandeling. De regels kunnen dus nog veranderen. Invoering laat naar verwachting nog enkele jaren op zich wachten. Toch is het verstandig om nu al te kijken wat de plannen voor jou kunnen betekenen.
Voor wie gaat de verplichting gelden?
De verzekering is bedoeld voor zelfstandigen met winst uit onderneming voor de inkomstenbelasting, zoals ondernemers met een eenmanszaak, vof of maatschap. De verplichting geldt in beginsel voor ondernemers die de AOW-leeftijd nog niet hebben bereikt. Of je personeel in dienst hebt, maakt daarbij niet uit.
Niet iedereen valt onder de regeling. Voor directeuren-grootaandeelhouders met een bv geldt de voorgestelde verzekeringsplicht niet. Ook voor bepaalde zelfstandigen die daarnaast in loondienst werken of al een andere uitkering ontvangen, kunnen uitzonderingen gelden. Of je buiten de regeling valt, hangt af van de specifieke wettelijke voorwaarden. Heb je al een private AOV? Dan kun je mogelijk gebruikmaken van een uitzondering. Daarvoor moet je verzekering wel voldoen aan de voorwaarden die de wet aan een alternatief stelt.
Wat betaal je voor de basisverzekering?
Volgens het wetsvoorstel bedraagt de premie 5,4 procent van je winst uit onderneming. Er geldt een maximumbedrag van ongeveer € 171 bruto per maand. Dat maximum is gebaseerd op het minimumloon en kan nog worden aangepast. Bij een lagere winst betaal je minder premie. Heb je geen winst of maak je verlies, dan betaal je volgens de voorgestelde systematiek geen premie.
De premie is aftrekbaar voor de inkomstenbelasting. Daardoor zijn de uiteindelijke kosten lager dan het bedrag dat je daadwerkelijk betaalt. Hoe groot dat verschil is, hangt af van je persoonlijke belastingsituatie.
Hoe hoog wordt de uitkering?
Raak je arbeidsongeschikt, dan bedraagt de voorgestelde uitkering 70 procent van de inkomensgrondslag die volgens de wettelijke regels wordt vastgesteld. De uitkering is gemaximeerd op het wettelijk minimumloon. Ook als je voor je uitval aanzienlijk meer verdiende, krijg je dus niet meer dan dat maximum.
Het gaat bovendien niet alleen om de vraag of je door ziekte minder kunt werken. Voor de beoordeling wordt gekeken of je door je beperkingen nog in staat bent om met werk het minimumloon te verdienen. De regeling is daarmee vooral bedoeld als basisvangnet voor zelfstandigen die door arbeidsongeschiktheid onvoldoende inkomen kunnen verdienen. De uitkering loopt volgens het voorstel door tot de AOW-leeftijd, zolang je aan de voorwaarden blijft voldoen. Het is dus geen vervanging van je volledige ondernemersinkomen.
De wachttijd bedraagt twee jaar
Een belangrijk aandachtspunt is de wachttijd van 104 weken. Je krijgt pas na twee jaar arbeidsongeschiktheid recht op een uitkering. In die periode moet je zelf voor inkomen zorgen. Dat kan bijvoorbeeld met spaargeld, het inkomen van je partner of een aanvullende verzekering. Ook een broodfonds of schenkkring kan helpen om tijdelijk inkomen op te vangen. Deelname daaraan betekent overigens niet automatisch dat je bent vrijgesteld van de verzekeringsplicht.
Het is daarom verstandig om na te denken over de vraag hoe je twee jaar zonder deze uitkering financieel kunt overbruggen. Ook de voorwaarden voor de beoordeling van arbeidsongeschiktheid en de gevolgen van inkomsten uit werk verdienen aandacht. De precieze uitwerking hangt af van de definitieve wet- en regelgeving.
Kun je ook voor een private AOV kiezen?
Je kunt mogelijk buiten de publieke regeling blijven als je een private AOV hebt die aan de wettelijke voorwaarden voldoet. Dit wordt ook wel de opt-out genoemd. Je verzekering moet daarvoor voldoende aansluiten bij de eisen die aan de basisverzekering worden gesteld. Denk aan de looptijd van de dekking, de manier waarop de uitkering wordt betaald en de toegestane wachttijd. Ook gelden er financiële voorwaarden.
De exacte voorwaarden en de procedure voor een vrijstelling moeten aansluiten bij de definitieve regelgeving. Ga er daarom niet zomaar van uit dat iedere bestaande AOV voldoende is. Laat je verzekeraar of adviseur beoordelen of jouw polis in aanmerking komt.
Een private AOV kan voordelen bieden, bijvoorbeeld als je een hogere uitkering wilt of een kortere wachttijd belangrijk vindt. Daar staat tegenover dat de premie hoger kan uitvallen en dat een medische beoordeling invloed kan hebben op de acceptatie of voorwaarden.
Wat kun je nu al doen?
De verplichte AOV is nog geen definitieve regeling. Toch hoef je niet te wachten tot de wet ingaat om over je financiële zekerheid na te denken. Kijk hoeveel inkomen je nodig hebt als je langere tijd niet kunt werken en hoeveel spaargeld je achter de hand hebt.
Vergelijk vervolgens de mogelijkheden van een private AOV met de bescherming die de voorgestelde basisverzekering biedt. Zo kun je een keuze maken die past bij je inkomen, je vaste lasten en het risico dat je zelf wilt dragen. Wil je hier meer over weten? Laat het vrijblijvend weten.